'Ruimte voor Doen' is de titel van het coalitieakkoord 2026-2030 Gemeente Zutphen, van PRO, D66, Burgerbelang en CDA.

Het coalitieakkoord lezen
Download het coalitieakkoord hieronder.
Coalitieakkoord 2026-2030: Ruimte voor Doen (pdf, 11 MB)
Of lees de tekst uit het coalitieakkoord via de knoppen hieronder.
Ruimte voor doen - Voorwoord
De afgelopen jaren is in Zutphen ongelooflijk veel in beweging gebracht. Er zijn plannen gemaakt, besluiten genomen en ontwikkelingen gestart. Daar bouwen we op voort. Wat is afgesproken, gaan we waarmaken. Daar ligt focus op: minder opnieuw beginnen, meer uitvoeren wat we hebben afgesproken.
Maar de toekomst wacht ook niet. Wat we vandaag doen, bepaalt hoe Zutphen en Warnsveld er over tien, twintig of dertig jaar voorstaan. Daarom kijken we vooruit, pakken we kansen en durven we nieuwe keuzes te maken waar dat nodig is. Niet omdat verandering een doel op zich is, maar omdat stilstand geen antwoord is op wat op ons afkomt.
Met elkaar, voor elkaar. Dat is de manier waarop we de komende jaren willen werken. Raad, college en ambtelijke organisatie, ieder vanuit een eigen rol en verantwoordelijkheid. En samen met inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties, verenigingen en vrijwilligers. Want juist daar zit de kracht van onze gemeente: in mensen die initiatief nemen, naar elkaar omkijken en samen dingen voor elkaar krijgen.
Dit akkoord markeert daarom geen nieuw begin. Het is een volgende stap. Geworteld in wat de afgelopen jaren is opgebouwd, met de blik vooruit en vastberaden om plannen werkelijkheid te laten worden.
Voor Zutphen en Warnsveld. Voor vandaag én voor de generaties na ons.
Ruimte voor doen.
Zutphen, 1 oktober 2026
PRO - Herman Krans (fractievoorzitter)
D66 - Yvonne ten Holder (fractievoorzitter)
Burgerbelang - Lea Manders (fractievoorzitter)
CDA - Mark Purperhart (fractievoorzitter)
Ruimte voor doen - Samenvatting
Zutphen heeft veel om trots op te zijn. Een prachtige historische gemeente, sterke wijken en gemeenschappen, goede voorzieningen, ondernemerschap, cultuur en groene kwaliteit van de leefomgeving. Er is de afgelopen jaren veel in gang gezet en als beleid vastgesteld. Maar er is ook alle reden om vooruit te kijken en in beweging te komen.
Want Zutphen staat op een belangrijk moment. We worden ouder en te veel jongeren vertrekken. We hebben dringend woningen nodig. Bedrijven zijn vertrokken en het aantal banen per inwoner neemt af. De druk op zorg en voorzieningen groeit. Onze bereikbaarheid vraagt om keuzes. En ondertussen verandert de wereld om ons heen snel. Als we willen dat Zutphen ook over twintig of dertig jaar een sterke, sociale en zelfstandige centrumgemeente is, kunnen we niet afwachten.
Daarom kiezen we voor zelfbewuste ontwikkeling – naar de toekomst.
We kijken verder dan deze bestuursperiode en richten onze blik op 2050. We versterken onze positie in de regio, zoeken actief de samenwerking met anderen en zorgen dat Zutphen klaarstaat als zich kansen voordoen. We kijken vooruit naar de IJssel, onze bereikbaarheid, woningbouw, economie en voorzieningen. Niet vanaf de zijlijn, maar door zelf richting te geven.
We kiezen voor de volgende generatie
Jongeren moeten hier niet alleen kunnen opgroeien, maar ook hun toekomst kunnen opbouwen. Een huis vinden. Een opleiding volgen. Werken en ondernemen. Muziek maken, sporten, uitgaan en elkaar ontmoeten. Zich hier thuis voelen. Daarom brengen we wonen, leren, werken en vrije tijd dichter bij elkaar. Onder de 30 staat niemand aan de kant.
We willen weer winnen aan werk
We geven ruimte aan ondernemers die hier al zijn en gaan actief op zoek naar bedrijven die iets toevoegen aan Zutphen: banen, stages, vakmanschap en nieuwe kansen. We brengen onderwijs en arbeidsmarkt dichter bij elkaar en benutten de kracht van onze bedrijventerreinen. Economische ontwikkeling is voor ons ook een sociale opgave. Werk geeft bestaanszekerheid en jongeren een reden om hun toekomst hier te zoeken.
Woningbouw krijgt topprioriteit
We halen de achterstand in én zorgen nu al voor voldoende ruimte om ook na 2030 door te bouwen. Voor jongeren, gezinnen en ouderen. Daarbij kiezen we voor groei met kwaliteit. We beschermen wat Zutphen bijzonder maakt, houden onze gemeente bereikbaar en zorgen dat verkeer en parkeren goed geregeld zijn. We zetten de energietransitie door en investeren in groen en biodiversiteit. Groei moet onze gemeente sterker en mooier maken.
We blijven investeren in de kracht van onze samenleving
We zetten de aanpak van bestaanszekerheid en Sterke wijken met overtuiging voort. Hulp moet dichtbij zijn en we zijn er liever vroeg bij dan wanneer problemen zich hebben opgestapeld. We investeren in gezondheid, ontmoeting, cultuur en erfgoed en pakken criminaliteit en ondermijning steviger aan. Mensen moeten zich in Zutphen veilig, inclusief, gezien en welkom kunnen voelen.
En bovenal kiezen we voor doen
Er ligt al veel beleid en er zijn veel plannen. We hoeven niet telkens opnieuw te beginnen. We kiezen scherper wat voorrang krijgt, richten mensen en geld daarop en maken af wat we hebben afgesproken. Nieuwe ambities betekenen ook dat we durven kijken naar wat minder kan, later kan of niet meer hoeft.
Dat vraagt om een organisatie die kan uitvoeren, een raad, college en organisatie die elkaar eerder vinden en inwoners die niet alleen mogen meepraten, maar ook terugzien wat er met hun inbreng gebeurt. En het vraagt om financieel gezonde keuzes die ook morgen houdbaar zijn.
Dat is Ruimte voor doen: met vertrouwen in wat Zutphen in huis heeft, de blik op de toekomst en de bereidheid om vandaag de keuzes te maken die daarvoor nodig zijn.
Over vier jaar willen we niet vooral kunnen vertellen wat we van plan waren. We willen kunnen laten zien wat er veranderd is in het leven van onze inwoners.
Ruimte voor doen - Inleiding
Bijna 50.000 inwoners geven iedere dag leven aan Zutphen en Warnsveld. Mensen die werken en ondernemen, kinderen grootbrengen, voor anderen zorgen, muziek maken en sporten. Die zich inzetten voor hun vereniging, hun straat of de plek waar ze werken. Die initiatief nemen als ze zien dat iets beter kan. En die naar elkaar omkijken en bijspringen als een ander dat nodig heeft. Voor hun buren, en soms voor de buren van hun buren.
Dat zit diep in onze gemeente en gaat al generaties mee. Generaties die zagen wat bouwen kan doen. Zij maakten straten, huizen, pleinen en gebouwen waar mensen konden wonen, werken, handelen, elkaar ontmoeten en samenleven. En ze bouwden aan een gemeenschap die zo kenmerkend is voor ons – één waarin mensen naar elkaar omkijken, verantwoordelijkheid nemen en samen dingen voor elkaar krijgen.
Vandaag leven wij midden in wat zij hebben nagelaten. In de schoonheid van Warnsveld en de historische stad, langs de IJssel en in het landschap dat door de rivier is gevormd. Dat is geen decor. Het vertelt waar we vandaan komen en bepaalt mede wie we zijn. De plekken die we maken én de manier waarop we met elkaar samenleven, horen bij ons DNA.
Maar dat DNA ligt niet vast in het verleden. Iedere generatie voegt iets toe. Dat gebeurt ook vandaag. Met een nieuw Hanzehuis bouwen we verder aan de culturele kracht van onze gemeente. In de TechniekFabriek komen vakmanschap, leren en werken op een nieuwe manier samen. Heel verschillende voorbeelden, maar ze komen voort uit dezelfde kracht: voortbouwen op wat er is en daar iets nieuws en waardevols aan toevoegen. Dat is misschien wel ons belangrijkste erfgoed: niet alleen wat vorige generaties ons hebben nagelaten, maar ook de wil om het verder te brengen.
Wat ons is toevertrouwd, willen we sterker doorgeven. We koesteren wat generaties voor ons hebben opgebouwd en geven tegelijk ruimte aan de mensen van nu om Zutphen en Warnsveld verder te brengen. Zodat ook de generaties na ons hier kunnen opgroeien, werken, wonen en leven in een samenleving waarin mensen naar elkaar omkijken. Een samenleving waarin je ertoe doet, mee kunt doen en voelt: Ik ben welkom!
Want zoals vorige generaties bepalend waren voor de gemeente waarin wij vandaag leven, zo bepalen onze keuzes hoe onze kinderen en de kinderen van onze kinderen hier straks kunnen wonen, werken en leven.
Vandaag werken aan morgen
De toekomst wacht niet. Wat we vandaag besluiten, bepaalt mede hoe Zutphen en Warnsveld er over twintig of dertig jaar voorstaan. Of jongeren hier hun toekomst kunnen opbouwen. Of er voldoende woningen zijn en werk is. Of onze voorzieningen overeind blijven en onze gemeente bereikbaar blijft. En of we erin slagen het sociale en groene karakter van onze gemeente door te geven aan volgende generaties.
Het is geen keuze: we moeten de toekomst nu echt met elkaar aankijken. Niet alleen reageren op wat op ons afkomt, maar zelf richting geven. Dat vraagt dat we verder kijken dan deze bestuursperiode en soms keuzes maken die niet vanzelfsprekend zijn. Op sommige terreinen is doorgaan op dezelfde weg niet genoeg. Dan is versnelling nodig, een andere koers of zelfs een trendbreuk. Die keuzes gaan we niet uit de weg.
Dat kunnen, hoeven en willen we als gemeente niet alleen doen. We vertrouwen op de kracht van mensen en onze gemeenschappen en kiezen voor gespreide verantwoordelijkheid. Inwoners, ondernemers, verenigingen, maatschappelijke organisaties en gemeente hebben ieder hun eigen rol. We geven ruimte aan initiatief, brengen mensen en organisaties bij elkaar en helpen waar dat nodig is. En waar mensen niet vanzelf mee kunnen komen, zijn we er. Met een stevig sociaal vangnet en extra aandacht voor mensen, buurten en wijken die dat nodig hebben.
Ruimte geven vraagt ook iets van onszelf. We luisteren, betrekken inwoners en partners eerder en laten zien wat we met hun inbreng doen. Ook raad, college en organisatie zoeken elkaar eerder op, juist als nog niet alles vastligt. Niet alles hoeft vooraf bedacht te zijn. Soms ontstaat de beste oplossing door samen te zoeken, te proberen en te leren.
Van ambitie naar uitvoering
We beginnen deze bestuursperiode niet met een leeg vel. Er is de afgelopen jaren veel bedacht, besloten en in gang gezet. Op veel terreinen staat het beleid. Nu gaan we met kracht verder met de uitvoering.
Daarom leggen we met een blik op de toekomst de komende vier jaar ook het accent op uitvoering. We kiezen scherper wat voorrang krijgt, richten mensen en middelen daarop en maken waar wat we hebben afgesproken. Dat betekent ook dat niet alles tegelijk kan. Geld, mensen en capaciteit zijn begrensd. Als we iets nieuws willen, moeten we bereid zijn te kijken naar wat minder kan, later kan of niet meer hoeft.
Maar ruimte voor doen betekent meer dan uitvoeren alleen. We willen Zutphen verder ontwikkelen en verjongen, zonder te verliezen wat onze gemeente sociaal, groen en bijzonder maakt. We geven ruimte aan jongeren die hier hun toekomst zoeken, aan ondernemers die willen groeien, aan inwoners met een goed idee en aan buurten en wijken die zelf in beweging komen.
Daarbij bekijken we onze keuzes niet los van elkaar. Wonen raakt bereikbaarheid. Economie raakt jongeren en bestaanszekerheid. Groei raakt groen, energie en voorzieningen. En sterke wijken vragen om een verbinding tussen het sociale en het fysieke. Juist door die opgaven met elkaar te verbinden, kunnen keuzes elkaar versterken.
Zo verbinden we wat Zutphen altijd sterk heeft gemaakt met wat de toekomst van ons vraagt: koesteren wat waardevol is, verantwoordelijkheid nemen voor de toekomst en zorgen dat plannen werkelijkheid worden.
Wij gaan voor: Ontwikkelen. Verjongen. Verbinden. Doen.
Vanuit deze gedachte maken we voor de komende bestuursperiode zes keuzes:
- Zutphen kiest met voorrang voor de toekomst
- Zutphen kiest ervoor jongeren aan de stad te binden
- Zutphen kiest voor economie en werk als onderdeel van de sociale agenda
- Zutphen kiest voor groei én groene kwaliteit van de leefomgeving
- Zutphen kiest voor een sociale, inclusieve, veilige en vitale stad
- Zutphen kiest voor doen
1. Zutphen kiest met voorrang voor de toekomst
De wereld om ons heen verandert snel en ook Zutphen verandert. We worden ouder, terwijl jongeren wegtrekken en we de nieuwe generatie juist aan onze gemeente willen binden. We hebben woningen nodig, willen onze economie en werkgelegenheid versterken en moeten bereikbaar blijven. Tegelijkertijd willen we onze voorzieningen op peil houden en een sociale en groene gemeente blijven.
De keuzes die we vandaag maken over wonen, werken, onderwijs, bereikbaarheid en voorzieningen bepalen mede hoe Zutphen er over tien, twintig of dertig jaar voorstaat. Daarom kijken we verder dan deze bestuursperiode. We willen voorkomen dat Zutphen langzaam terrein verliest en kiezen ervoor zelf richting te geven aan onze ontwikkeling richting 2050.
Groei en ontwikkeling zijn daarbij geen doel op zichzelf. Ze zijn noodzakelijk en voorwaardelijk om Zutphen ook in de toekomst een sterke regionale centrumgemeente te laten zijn, waarin wonen, werken, voorzieningen en bereikbaarheid met elkaar in balans zijn. De actualisatie van de Omgevingsvisie benutten we om dit toekomstperspectief richting 2050 verder uit te werken.
Sterker in de regio
Onze toekomst stopt niet bij de gemeentegrens. Veel van de grote vraagstukken waar Zutphen voor staat, kunnen we alleen samen met anderen verder brengen. Daarom willen we onze positie in de regio versterken en ons verder ontwikkelen als een regionaal relevante ontwikkel- en sterke centrumgemeente. We zoeken actief de samenwerking met Rijk, provincie, regio, gemeenten, waterschappen, maatschappelijke partners en ondernemers – en richten ook onze eigen organisatie daarop in.
We willen daarbij niet afwachten of en welke ontwikkelingen en investeringen op Zutphen afkomen, maar zelf positie kiezen. Bij belangrijke voorstellen kijken we daarom nadrukkelijk naar de regionale betekenis en kansen en naar mogelijkheden voor samenwerking, investeringen en externe middelen. We investeren tijdig in onze ruimtelijke ontwikkeling, bereikbaarheid en voorzieningen, zodat Zutphen klaarstaat wanneer zich regionale en landelijke kansen voordoen. Zo vergroten we onze invloed én ons vermogen om investeringen naar Zutphen en de regio te halen.
De IJssel verbindt ons
De IJssel is onlosmakelijk verbonden met Zutphen. De rivier bepaalt ons landschap en onze geschiedenis, maar is ook belangrijk en kansrijk voor onze economie, bereikbaarheid, werkgelegenheid en recreatie. We blijven ons daarom inzetten voor een goed bevaarbare en toekomstbestendige IJssel.
Tegelijkertijd vraagt leven met de IJssel om vooruitkijken. Bij toekomstige ontwikkelingen rondom onze rivier bouwen we voort op de ruimtelijke kwaliteiten van Ruimte voor de Rivier 1.0. Bij Ruimte voor de Rivier 2.0 kijken we ook naar ervaringen elders, zoals bij Nijmegen, waar ruimte voor de rivier is gecombineerd met ruimtelijke kwaliteit, woningbouw en mobiliteit. Waterveiligheid, landschap, recreatie en toerisme bekijken we daarbij niet los van elkaar, maar in samenhang.
Ook de verbinding óver de IJssel is bepalend voor de toekomst van Zutphen. We werken daarom verder aan een goede bereikbaarheid over de rivier. Een derde oeververbinding bezien we in samenhang met de toekomst van de Oude IJsselbrug. Uitgangspunt is dat de Oude IJsselbrug bij de realisatie van een derde oeververbinding wordt getransformeerd tot een verbinding voor fietsers en voetgangers.
Zo kijken we verder dan de komende vier jaar. De keuzes die we nu maken over wonen, werken, voorzieningen, de IJssel en onze bereikbaarheid bepalen mede hoe Zutphen er in 2050 voorstaat. We willen daarbij niet aan de zijlijn staan, maar zelf richting geven aan onze toekomst en onze positie in de regio.
Onze keuze (bij 1)
We wachten niet af, maar geven zelf richting aan de toekomst van Zutphen. We versterken onze positie in de regio en werken vanuit een helder perspectief richting 2050.
We gaan:
- onze positie als sterke regionale centrum- en ontwikkelgemeente versterken – en dat ook expliciet tot uitdrukking laten komen bij relevante raadsvoorstellen;
- samen met partners kansen, investeringen en externe middelen naar Zutphen halen;
- een toekomstperspectief richting 2050 uitwerken, waarin wonen, werken, voorzieningen en bereikbaarheid samenkomen;
- ons inzetten voor een goed bevaarbare en toekomstbestendige IJssel;
- en werken aan een goede bereikbaarheid over de IJssel, met een derde oeververbinding in samenhang met de toekomst van de oude IJsselbrug.
2. Zutphen kiest ervoor jongeren aan de stad te binden
We koesteren wat we hebben, want dat is ons fundament. Maar om daarop ook in de toekomst te kunnen voortbouwen, moeten we jongeren perspectief bieden: wonen → leren → werken → vrije tijd → je thuis voelen. Dat is extra belangrijk omdat Zutphen sterker vergrijst dan gemiddeld. Uit de Trendverkenning 2026 van de provincie Gelderland blijkt dat de bevolking tot 2050 blijft groeien, maar dat die groei vooral komt door ouderen. Het aantal 75-plussers groeit naar verwachting met 75%, terwijl het aantal jongeren afneemt. Daarmee neemt de druk op de jongere generatie toe.
Mede daarom willen we dat jongeren in Zutphen hun toekomst kunnen opbouwen. Onze ambitie is helder: onder de 30 staat niemand aan de kant. Dat gaat over veel meer dan voldoende woningen voor jongeren. Het gaat om de mogelijkheid om hier te leren, een opleiding te volgen, werk te vinden, mee te doen, elkaar te ontmoeten en een leven op te bouwen. Zutphen moet een gemeente zijn waar jongeren niet alleen kunnen wonen, maar ook willen blijven, kunnen groeien en hun toekomst kunnen opbouwen.
Zutphen van jongeren
Daarom ontwikkelen we samen met jongeren en onze partners een integrale aanpak om jongeren aan Zutphen te binden. We brengen wonen, leren, werken en vrije tijd veel sterker bij elkaar. Daarbij kijken we niet alleen naar wat jongeren nodig hebben, maar betrekken we hen ook bij de keuzes die we maken. Want als we willen dat jongeren hun toekomst in Zutphen zien, moeten zij ook invloed hebben op die toekomst.
Dat begint met ruimte om hier te kunnen wonen. Een jongere die op zichzelf wil wonen, moet daarvoor ook een kans krijgen. Daarom maken we jongerenhuisvesting de komende periode een prioriteit. We kijken naar nieuwbouw, maar ook naar de ruimte die er al is. We willen mogelijkheden als hospitaverhuur, woningdelen en woningsplitsing beter benutten en bekijken welke regels jongeren nu onnodig in de weg zitten. Waar het kan, willen we die drempels wegnemen en het makkelijker maken om woonruimte voor jongeren te creëren en jongeren daarvoor in aanmerking te laten komen.
Maar je ergens thuis voelen vraagt om meer dan een dak boven je hoofd. Jongeren, ook onder de 18, moeten ruimte hebben om zichzelf te zijn, te ontwikkelen, elkaar te ontmoeten, te bewegen, muziek te maken of gewoon ergens te kunnen zijn. Die ruimte hoort bij een levende gemeente. Ook letterlijk met een plek in onze straten, parken en het centrum. Bij de inrichting van de openbare ruimte houden we daar rekening mee – met ontmoeten, verblijven en bewegen. Daarbij zoeken we steeds naar een goede balans met leefbaarheid en veiligheid voor anderen.
Onderwijs en werk zijn minstens zo belangrijk. We versterken de samenwerking tussen gemeente, onderwijs en ondernemers om jongeren beter te verbinden aan opleiding, stages en werk. Daarbij hebben we bijzondere aandacht voor praktisch opgeleide jongeren en het mbo. Vanuit de samenwerking tussen onderwijs, ondernemers en overheid stimuleren we projecten en initiatieven die jongeren perspectief bieden en tegelijkertijd bijdragen aan wat Zutphen en onze ondernemers nodig hebben.
Ook in de sociaaleconomische visie geven we jongeren een duidelijke plek. We nemen daarin een concrete ambitie op voor opleiding, werk en de binding van jongeren aan Zutphen. Daarbij sluiten we op voorhand geen sectoren uit. We kijken juist breed naar waar kansen liggen om jongeren hier te laten leren, werken en hun toekomst op te bouwen.
Onze keuze (bij 2)
We willen dat jongeren hun toekomst in Zutphen kunnen opbouwen. Niemand onder de 30 staat aan de kant. Daarom brengen we wonen, leren, werken en vrije tijd dichter bij elkaar en geven we jongeren zelf een stem in hun toekomst.
We gaan:
- samen met jongeren en partners een integrale aanpak ontwikkelen;
- jongerenhuisvesting prioriteit geven en bestaande mogelijkheden beter benutten;
- ruimte maken voor jongeren om elkaar te ontmoeten, te verblijven en te bewegen;
- onderwijs, ondernemers en gemeente sterker verbinden rond opleiding, stages en werk;
- jongeren een duidelijke plek geven in onze sociaaleconomische visie.
3. Zutphen kiest voor economie en werk als onderdeel van de sociale agenda
Ondernemerschap en werk: het laat Zutphen bruisen. Iedere ochtend gaan mensen hier aan het werk, openen ondernemers hun deuren en maken bedrijven plannen voor morgen. Daar ontstaat de energie die een gemeente nodig heeft. Er wordt verdiend, geleerd, samengewerkt en vernieuwd. Werk geeft mensen zekerheid en jongeren een reden om hun toekomst hier te zoeken.
Maar juist daar verliezen we terrein. Bedrijven zijn uit Zutphen vertrokken en het aantal arbeidsplaatsen per inwoner neemt af. Als bedrijven vertrekken, verdwijnen niet alleen banen, maar ook stages, kansen voor jongeren en opdrachten voor andere ondernemers. En wie voor opleiding en werk steeds vaker naar elders moet, bouwt daar misschien ook zijn leven op.
Dat tij willen we keren. We willen weer winnen aan werk. Dat vraagt om een gemeente die economisch actiever wordt: die ruimte geeft aan ondernemers die hier al zitten én gericht op zoek gaat naar nieuwe bedrijvigheid die Zutphen en de regio sterker maakt.
Actief economisch beleid
Daarbij verbreden we onze blik. Naast de huidige focus op de binnenstad gaan we een actief economisch beleid voeren voor onze bedrijventerreinen. We zetten in op het behoud en de versterking van het MKB en kiezen gericht voor bedrijvigheid die meerwaarde heeft voor Zutphen en de regio. Dat betekent dat we niet afwachten welke bedrijven zich bij ons melden, maar zelf actief sturen welke bedrijvigheid we willen aantrekken.
We ontwikkelen daarom een gerichte acquisitiestrategie. We zoeken bedrijven die onze economische ketens versterken, werkgelegenheid toevoegen en bijdragen aan een toekomstbestendige economie. Daarbij kijken we nadrukkelijk naar de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt: bedrijvigheid moet ook kansen bieden voor onze inwoners en voor jongeren die hier willen leren, werken en hun toekomst willen opbouwen.
Welke economie daarbij bij Zutphen past, werken we verder uit in een sociaaleconomische visie. Daarin bepalen we welke bedrijvigheid en werkgelegenheid we willen aantrekken en versterken en welke rol de gemeente, samen met onderwijs en ondernemers, daarin heeft.
De Mars heeft daarin een bijzondere positie. De ruimte voor bedrijven in hogere milieucategorieën en de ontwikkeling van de Smart Energy Hub zijn kwaliteiten waarmee Zutphen zich onderscheidt. Die willen we actief benutten bij het aantrekken van bedrijven die passen bij het economische profiel en de ambities van Zutphen.
De kracht van Zutphen
We zien volop kansen in techniek, zorg, ambachten, restauratie, cultuur, creativiteit en muziek. Juist daar willen we opleiding en werk veel sterker met elkaar verbinden. De TechniekFabriek en het Zutphens Ontwikkel Netwerk (ZON) laten zien hoe dat kan: mensen perspectief bieden op opleiding en werk én tegelijkertijd bijdragen aan wat werkgevers nodig hebben.
Economie is daarmee ook een sociale opgave. Werk, opleiding en economische ontwikkeling zijn een belangrijke motor voor de toekomst van Zutphen. Omdat een Zutphen waar gewerkt, gemaakt, geleerd en ondernomen wordt een Zutphen is dat leeft. En omdat we willen dat een volgende generatie hier niet alleen een huis kan vinden, maar ook een toekomst.
Die toekomst bouwen we ook op wat Zutphen onderscheidt. Onze historische stad, ons erfgoed en ons rijke culturele leven maken Zutphen aantrekkelijk en zijn zo bepalend voor onze eigenheid. Ze trekken bezoekers, makers en ondernemers naar onze gemeente en zijn daarmee een belangrijke kracht onder onze toeristische economie. Die positie willen we versterken. Door cultuur en erfgoed te verbinden met ondernemerschap, verblijf en toerisme vergroten we de aantrekkingskracht van Zutphen én creëren we nieuwe economische kansen.
Ons erfgoed, onze cultuur, onze toekomst
Cultuur en erfgoed horen bij Zutphen. Onze geschiedenis is overal zichtbaar, maar cultuur is hier veel meer dan wat we uit het verleden hebben meegekregen. Kunstenaars, muzikanten, podia, verenigingen, festivals en makers geven iedere dag opnieuw kleur aan onze gemeente. Samen hebben cultuur en erfgoed Zutphen gevormd tot de gemeente die zij vandaag is – met een profiel dat tot ver buiten onze gemeente- en landsgrenzen reikt. Mensen komen ervoor naar Zutphen, vestigen zich hier en voelen zich erdoor met onze gemeente verbonden. Die kracht willen we verder uitbouwen.
Daarom blijven we investeren in een levendig cultureel klimaat en in het behoud en beleefbaar maken van ons erfgoed. Cultuur moet bereikbaar zijn voor iedereen. Daarbij hebben we bijzondere aandacht voor jongeren. Als we willen dat zij zich aan Zutphen verbinden, moeten zij hier niet alleen kunnen wonen, leren en werken, maar ook kunnen maken, spelen, optreden, ontdekken en beleven.
Ook amateurkunst en verenigingen zijn een onmisbaar onderdeel van het culturele leven. Zo zorgen we ervoor dat het nieuwe Hanzehuis bereikbaar en betaalbaar blijft voor amateurverenigingen.
Ook zien we de komst van het Gelders Museum als een bijzondere kans voor Zutphen. Een museum met een provinciale betekenis past bij het culturele en historische profiel van onze gemeente en kan dat profiel verder versterken. We willen deze kans daarom benutten en blijven ons inzetten om het Gelders Museum in Zutphen mogelijk te maken. Definitieve keuzes maken we binnen aanvaardbare financiële kaders en betrekken we bij de meerjarige begroting vanaf 2028.
Onze keuze (bij 3)
We willen weer winnen aan werk. Daarom voeren we een actiever economisch beleid, versterken we het ondernemerschap en verbinden we economie, opleiding en werk. We bouwen daarbij onder andere voort op wat Zutphen onderscheidt: onze bedrijvigheid, vakmanschap, cultuur en erfgoed. Zo versterken we niet alleen onze economie, maar ook de kansen voor inwoners en de (toeristische) aantrekkingskracht van Zutphen. Zo wordt economische ontwikkeling onderdeel van onze sociale agenda.
We gaan:
- actief economisch beleid voeren;
- het MKB versterken en actiever inzetten op onze bedrijventerreinen;
- gericht nieuwe bedrijvigheid aantrekken die werk en economische meerwaarde brengt;
- een sociaaleconomische visie en gerichte acquisitiestrategie ontwikkelen;
- de bijzondere economische positie van De Mars benutten;
- onderwijs, opleiding en werk sterker met elkaar verbinden, met kansen in onder meer techniek, zorg, ambachten, restauratie, cultuur, creativiteit en muziek;
- cultuur en erfgoed verder versterken als onderdeel van onze eigenheid én als kracht voor de toeristische economie;
- blijven investeren in een toegankelijk cultureel klimaat, met bijzondere aandacht voor jongeren en amateurverenigingen;
- zorgen dat het nieuwe Hanzehuis bereikbaar en betaalbaar blijft voor amateurverenigingen;
- ons volop inzetten om de komst van het Gelders Museum naar Zutphen mogelijk te maken.
4. Zutphen kiest voor groei én groene kwaliteit van de leefomgeving
De woningbouwopgave is topprioriteit. We hebben een achterstand in te lopen en willen een trendbreuk realiseren die Zutphen ook op langere termijn sterker maakt. Daarom bouwen we niet alleen aan de woningen van vandaag, maar zorgen we deze periode ook voor voldoende harde plancapaciteit voor de periode na 2030.
Daarbij kijken we nadrukkelijk vooruit. Voor woningbouw na 2030 richten we ons op De Stoven, De Hoven, Binnenstad, omgeving OV-knooppunt en Kerkepad. Afhankelijk van de uitkomsten van het Ontwikkelperspectief wijzen we aanvullend één of meerdere gebieden aan. Bij de start van grote ruimtelijke projecten leggen we de ambities, uitgangspunten en kaders vast in een ambitiedocument. We richten capaciteit en middelen op de grote woningbouwopgaven, zodat we niet alleen plannen maken, maar deze ook voortvarend kunnen uitvoeren zoals De Hoven Noord, Noorderhaven, Kleine Linie en Zeeheldenbuurt. Om plannen ook echt van de grond te krijgen, richten we een Stadsvernieuwingsfonds op. In 2027 werken we hiervoor een voorstel uit, met een eerste storting van € 2,5 miljoen te doen. Daarmee willen we woningbouwprojecten mogelijk maken die zonder gemeentelijke bijdrage niet tot stand komen en kansen op cofinanciering vergroten.
Meer bouwen alleen is niet genoeg. We willen bouwen op een manier die past bij de demografische ontwikkeling en bij wat inwoners nodig hebben. Op basis van het Woonbehoefteonderzoek stimuleren we passende woonvormen voor verschillende generaties en zetten we nadrukkelijk in op doorstroming met bijzondere aandacht voor de middenhuur. We ontwikkelen instrumenten die mensen helpen om een volgende stap op de woningmarkt te zetten. Zo benutten we de bestaande woningvoorraad beter en ontstaat ruimte voor jongeren, gezinnen en ouderen om een woning te vinden die bij hun levensfase past met aandacht voor verschillende woonvormen.
Ook binnen de bestaande stad zoeken we naar mogelijkheden om woningen toe te voegen. We zetten de aanpak voor woningen boven winkels voort. Daarmee voegen we woningen toe én dragen we bij aan een levendige en vitale binnenstad. Ook stellen we op korte termijn beleid voor woningsplitsing vast, zodat duidelijk is waar en onder welke voorwaarden woningen kunnen worden gesplitst.
Groei en verdichting mogen niet ten koste gaan van de kwaliteit die Zutphen bijzonder maakt. Meer woningen moeten samengaan met een groene, leefbare en goed bereikbare stad. Verdichting is nodig, maar vraagt ook om kwaliteit. Daarom stellen we een stadsbouwmeester aan die onafhankelijk adviseert over stedenbouwkundige kwaliteit, architectuur, inpassing in de omgeving en ruimtelijke samenhang. Zo bewaken en versterken we de kwaliteit van ontwikkelingen in onze binnenstad en wijken.
Deze bestuursperiode leggen we ook een voorstel voor aan de gemeenteraad voor een nieuwe Hoogtevisie. Daarbij hebben we specifieke aandacht voor het behoud van het stadssilhouet, met name gezien vanaf de IJssel, en voor het clusteren van hoogbouw op daarvoor geschikte locaties. We bouwen voort op de uitgangspunten van de bestaande hoogtevisie en vragen het college hiervoor een voorstel in procedure te brengen. Zo kiezen we voor bouwen met visie én kwaliteit.
Bereikbaar én leefbaar
Een groeiende gemeente moet ook goed bereikbaar zijn. We willen dat inwoners makkelijk naar hun werk, school, winkel of vereniging kunnen, dat ondernemers bereikbaar zijn en bezoekers graag naar Zutphen komen. Daarom zorgen we voor een gemeente waarin mensen zich goed kunnen verplaatsen, te voet, met de fiets, het openbaar vervoer én de auto. Daarbij werken we volgens het STOMP-principe en investeren we in veilige, aantrekkelijke en goed verlichte fietsverbindingen. (STOMP staat voor Stappen, Trappen, Openbaar vervoer, Mobiliteitsdiensten en Privéauto. Het principe hanteert deze volgorde bij mobiliteitskeuzes: eerst lopen en fietsen, vervolgens openbaar vervoer en mobiliteitsdiensten zoals deelmobiliteit, en daarna de privéauto.)
Ook binnen de stad willen we dat mensen zich veilig en gemakkelijk kunnen verplaatsen. De komende vier jaar gaan we een besluit nemen over de toekomstige verkeerssituatie met betrekking tot de verkeersveiligheid op de centrumring. De verkeersveiligheid op de Tadamastraat krijgt daarbij prioriteit. Die pakken we in 2028 aan.
Bereikbaarheid betekent ook dat parkeren goed geregeld moet zijn. De uitkomsten van het lopende parkeeronderzoek zijn daarbij leidend voor de parkeercapaciteit die nodig is.
Niet iedere parkeerder heeft hetzelfde nodig. Bezoekers, mantelzorgers en hulpdiensten moeten dichtbij hun bestemming kunnen komen. Voor hen zorgen we voor passende mogelijkheden voor kort parkeren, ook op en rond het ’s Gravenhof en de Groenmarkt. Voor inwoners richten we ons op passende mogelijkheden voor lang parkeren. Ook onze parkeernormen laten we aansluiten bij de plek: dicht bij het station en andere hoogwaardige OV-voorzieningen kan een lagere norm gelden, terwijl we verder daarvan een hogere norm hanteren.
We willen het ’s Gravenhof en de Groenmarkt deze bestuursperiode autoluw te maken. Voorwaarde is dat voldoende mogelijkheden voor kort parkeren in de directe omgeving beschikbaar blijven, zodat het stadhuis bereikbaar blijft. Door verkeer en parkeren goed te organiseren, ontstaat op andere plekken juist ruimte om te lopen, te verblijven en elkaar te ontmoeten. Zo versterken bereikbaarheid en een aantrekkelijke leefomgeving elkaar.
Energie voor de toekomst
Die verantwoordelijkheid voor de toekomst gaat verder dan woningbouw en bereikbaarheid. Ook in hoe we met energie omgaan, maken we keuzes voor de generaties na ons. De afgelopen jaren hebben we een duidelijke koers ingezet: anders omgaan met energie en minder afhankelijk worden van fossiele bronnen. Die koers zetten we met kracht door. Niet alleen voor het klimaat van morgen, maar ook omdat de wereld om ons heen verandert. We willen minder afhankelijk zijn van energie van elders én de energierekening voor inwoners betaalbaar houden. Niet alles lukt in één keer en onderweg zullen we soms opnieuw moeten kiezen. Maar de richting staat: we willen onze gemeente duurzamer achterlaten dan we haar kregen.
Daarbij houden we onverminderd aandacht voor de voortgang van de warmteprojecten in de Componistenbuurt en Noordveen en voor Grootschalige Aquathermie Zutphen Zuid (GAZZ). Dit zijn grote en langjarige projecten waarin keuzes van vandaag gevolgen hebben voor inwoners en voor de investeringen van morgen.
Daarom willen we bij grote investeringen en belangrijke mijlpalen bewust kunnen besluiten over de volgende stap. We werken bij energie- en warmteprojecten met expliciete go/no-go-besluiten. Op basis van heldere criteria wegen we op die momenten af of en hoe een project verdergaat. Zo houden we grip op de voortgang, de haalbaarheid en de inzet van publieke middelen.
Groene ruimte voor alles wat leeft
We leven niet alleen voor vandaag en de omgeving waarin we wonen en leven is ons toevertrouwd en geven we door aan de generaties na ons. Dat vraagt dat we zorgvuldig omgaan met de natuur en ruimte geven aan alles wat leeft. Groen maakt onze leefomgeving mooier, gezonder en sterker. Het geeft ruimte aan planten en dieren, brengt verkoeling op warme dagen en zorgt voor plekken waar mensen graag wandelen, bewegen en elkaar ontmoeten.
Die verantwoordelijkheid wordt steeds belangrijker. Het klimaat wordt wereldwijd warmer en dat merken we ook hier. Daarom investeren we in biodiversiteit en beter natuurbeheer, in maatregelen die zorgen voor verkoeling en in wadi’s waarin we kostbaar water opvangen en vasthouden. We voeren het maaibeleid uit volgens het biodiversiteitsplan en geven de natuur waar dat kan letterlijk meer ruimte, altijd met oog voor de verkeersveiligheid.
Goed zorgen voor onze leefomgeving betekent ook vooruitkijken. Daarom werken we deze bestuursperiode de plannen voor het Stadsklimaatpark verder uit. De daadwerkelijke uitvoering is deze periode nog niet aan de orde en hiervoor zijn nu geen middelen beschikbaar. Wel willen we klaarstaan wanneer vanaf 2029 de werkzaamheden aan kabels en leidingen beginnen. Als de schop dan toch de grond in gaat, benutten we dat moment om boven de grond een groener, koeler en aantrekkelijker stuk Zutphen terug te brengen.
Zo zorgen we vandaag voor de plek die we morgen doorgeven.
Onze keuze (bij 4)
De woningbouw vraagt om actie en heeft voor ons topprioriteit. Dit betekent: meer woningen bouwen én zorgen dat er ook na 2030 voldoende ruimte is om door te bouwen. Daarbij kiezen we niet voor groei ten koste van kwaliteit. Wonen, bereikbaarheid, energie en groen moeten elkaar juist versterken.
We gaan:
- woningbouw versnellen en zorgen voor voldoende harde plancapaciteit na 2030;
- een stadsbouwmeester aanstellen en met een Stadsvernieuwingsfonds woningbouw en ruimtelijke kwaliteit versterken;
- de bereikbaarheid en verkeersveiligheid verbeteren, met prioriteit voor de Tadamastraat en de centrumring, en parkeren goed organiseren;
- de energietransitie voortzetten;
- én investeren in biodiversiteit, natuur en een groene, klimaatbestendige leefomgeving.
5. Zutphen kiest voor een inclusieve, sociale, veilige en vitale stad
We kiezen voor een inclusieve, sociale, en veilige gemeente waarin mensen naar elkaar omkijken en verantwoordelijkheid voor elkaar nemen. De kracht van Zutphen zit in sterke buurten en wijken, in verenigingen, vrijwilligers, cultuur en initiatieven van inwoners zelf. Die gemeenschapszin koesteren en versterken we. Verantwoordelijkheid delen we: inwoners, maatschappelijke organisaties, ondernemers en gemeente dragen ieder vanuit hun eigen rol bij.
Maar samenredzaamheid begint bij een stevige basis. Te veel mensen in Zutphen leven iedere dag met financiële stress. Als je voortdurend bezig bent met de vraag of je de huur, boodschappen of energierekening kunt betalen, wordt leven soms overleven. Daarom zetten we de aanpak Bestaanszekerheid met kracht door. We willen eerder naast mensen staan als geldzorgen ontstaan, ondersteuning eenvoudiger en begrijpelijker maken en mensen helpen om financieel sterker te staan.
Daarbij kijken we ook kritisch naar onze eigen regelingen. Een inkomensgrens zegt niet altijd genoeg over wat iemand werkelijk te besteden heeft. Hoge noodzakelijke lasten kunnen ervoor zorgen dat mensen, ook als zij werken, toch moeilijk rondkomen en buiten regelingen vallen. Daarom onderzoeken we inkomensondersteuning op basis van besteedbaar inkomen en het bundelen van minimaregelingen. Ook helpen we jongeren om financiële kennis en vaardigheden op te bouwen en zo geldzorgen en schulden te voorkomen.
De gemeente geeft ruimte aan initiatief, brengt mensen bij elkaar en biedt ondersteuning waar dat nodig is. Daarbij bouwen we voort op Inwoner in Beeld, de aanpak Bestaanszekerheid en Sterke wijken. We willen dat mensen kunnen leven, bloeien en groeien, zich gezien voelen en mee kunnen doen – en kunnen zijn wie ze zijn of willen zijn.
Elkaar zien
Eenzaamheid grijpt diep in. Wie niemand heeft om op terug te vallen, kan zich onzichtbaar en alleen voelen. Een plek om naartoe te gaan, iemand om mee te wandelen of een vereniging waar je bij hoort, kan dan een wereld van verschil maken. Daarom willen we ruimte maken voor ontmoeting en voor plekken waar mensen elkaar vanzelf tegenkomen.
Een sterke samenleving ontstaat vooral tussen mensen zelf. In buurten en wijken, bij verenigingen, op scholen, in de straat en op plekken waar mensen elkaar ontmoeten. We willen die kracht meer ruimte geven. Initiatieven van inwoners, scholen, sportverenigingen en maatschappelijke organisaties ondersteunen we en geven we de ruimte. De gemeente hoeft niet alles zelf te doen, maar maakt mogelijk, brengt mensen en organisaties bij elkaar en ondersteunt waar dat nodig is. Daarbij bouwen we voort op wat in Zutphen en Warnsveld al gebeurt en bevorderen we plekken en initiatieven die ontmoeting en verbinding mogelijk maken.
Het tegengaan van eenzaamheid en het versterken van sociale samenhang worden een rode draad in ons beleid. Daarbij kijken we niet alleen naar zorg, maar ook naar wat ontmoeting, de inrichting van de openbare ruimte en passende woonvormen kunnen betekenen. Hierbij hebben we extra aandacht voor het groeiend aantal ouderen in de gemeente – en hun specifieke behoeften. Mantelzorgers, vrijwilligers en verenigingen zijn daarbij onmisbaar. We blijven hen ondersteunen binnen duidelijke en haalbare grenzen en laten onze waardering voor mantelzorgers ten volle tot uiting komen.
Gezond leven en bewegen
Gezondheid begint niet bij zorg, maar bij hoe we leven, wonen, bewegen en elkaar ontmoeten. Daarom zetten we als onderdeel van de zorgtransitie sterker in op preventie, bewegen en een gezonde leefstijl. We versterken de samenwerking met onder meer het ziekenhuis en GGNet en maken het leefstijlloket beter zichtbaar voor onze inwoners.
Ook brengen we formele en informele zorg dichter bij elkaar. Veel zorg en ondersteuning wordt iedere dag gegeven door familie, buren, mantelzorgers en vrijwilligers. Zij en professionele zorgverleners moeten elkaar beter weten te vinden en kunnen versterken. Ook onze omgeving kan uitnodigen om gezond te leven en te bewegen. Daarom nemen we gezondheid en bewegen nadrukkelijk mee bij investeringen in de openbare ruimte en verbinden we daarbij het sociale en fysieke domein. We brengen in beeld waar ruimte en behoefte is aan ren- en beweegroutes, beweegplekken, fitparken en andere laagdrempelige voorzieningen. Hiervoor werken we een communicatie- en participatieaanpak uit, zodat inwoners, verenigingen en andere organisaties kunnen meedenken en adviseren over bewegen in de openbare ruimte. Goede gymzalen vinden we erg belangrijk.
Sterke wijken
Onze aanpak om te bouwen aan Sterke wijken zetten we met kracht door. Dat vraagt maatwerk en een lange adem. We kiezen daarom voor een gebiedsgerichte aanpak waarin we per wijk kijken naar wat nodig is en naar wat inwoners en partners zelf kunnen bijdragen. Daarbij verbinden we het sociale en fysieke domein en werken we als gemeente steeds meer als onderdeel van een netwerk van inwoners, maatschappelijke organisaties, ondernemers en andere partners.
We kunnen niet iedere wijk tegelijk dezelfde intensieve aandacht geven. Daarom prioriteren we onze inzet, zonder wijken met elkaar te rangschikken. De ene wijk vraagt op een bepaald moment meer aandacht dan de andere, terwijl in andere wijken de basis op orde is. De prioritering zegt daarmee niets over de waarde van een wijk of haar inwoners. In de Zuidwijken zijn we gestart en het Waterkwartier is de volgende wijk waar we onze aanpak met prioriteit willen voortzetten. Veel mensen leven hier dagelijks met financiële stress en de kansenongelijkheid is groot. Dat verdient alle aandacht en willen we met voorrang oppakken. Ook Noordveen, Leesten en Warnsveld kunnen op termijn specifieke aandacht vragen.
We leggen daarbij geen blauwdruk op: iedere wijk heeft eigen kwaliteiten, vraagstukken en mogelijkheden. We willen samen met inwoners en partners bepalen wat nodig is om de wijk sterker, leefbaarder en meer verbonden te maken.
Criminaliteit uit onze buurten en wijken
Je veilig voelen in je eigen straat, buurt of wijk is een voorwaarde om prettig te kunnen leven. Daarom willen we zichtbaar en daadkrachtig optreden waar dat nodig is én problemen eerder voorkomen. Veiligheid gaat voor ons niet alleen over criminaliteitscijfers, maar ook over wat mensen iedere dag in hun eigen omgeving ervaren.
We versterken de aanpak van ondermijning, met bijzondere aandacht voor drugscriminaliteit, criminele netwerken en de weerbaarheid van onze inwoners, maatschappelijke organisaties, ondernemers en gemeentelijke organisatie. Daarbij zetten we de bestuurlijke instrumenten die we hebben actief in. We willen dit nadrukkelijk op de politieke agenda.
We willen vooral voorkomen dat jongeren in criminaliteit terechtkomen en hen een kansrijke toekomst in de wegstaat. Daarom brengen we zorg, veiligheid, onderwijs, preventie, jongerenwerk, handhaving en politie dichter bij elkaar. Want we willen eerder signaleren en handelen, voordat problemen ontstaan of groter worden. De aanpak Preventie met Gezag bedden we structureel in en we versterken de verbinding tussen zorg en veiligheid.
Ook zichtbaarheid doet ertoe. Boa's moeten meer zichtbaar en aanspreekbaar zijn in buurten, wijken en de binnenstad. Dat heeft prioriteit. Waar cameratoezicht aantoonbaar kan bijdragen aan de veiligheid kan dit binnen de mogelijkheden van de APV ingericht worden. We houden daarbij niet alleen de ontwikkeling van criminaliteit bij, maar ook hoe veilig inwoners zich voelen.
We hebben daarnaast aandacht voor nieuwe en soms minder zichtbare vormen van onveiligheid, zoals cybercriminaliteit, huiselijk geweld en voor plekken en situaties waarin vrouwen en meisjes zich niet veilig voelen. Ook daar willen we beter inzicht hebben in wat er speelt en doen we wat nodig is om de veiligheid te vergroten.
Iedereen is voor ons ook echt iedereen
Of je hier nu geboren bent of later in Zutphen terechtkomt. We kijken naar elkaar om, ruimhartig en medemenselijk. Statushouders, onze medelanders, moeten hier kunnen rekenen op een veilige plek. Onze diep doorleefde grondhouding is daarom: Welkom! Tegelijkertijd kijken we zorgvuldig naar wat een buurt, wijk en onze gemeente aankunnen en betrekken we inwoners bij keuzes die hun omgeving raken. Juist die combinatie van medemenselijkheid en verantwoordelijkheid past bij Zutphen.
Die keuze maken we ook voor de lange termijn. We willen de huidige opvangvoorziening aan de Voorsterallee behouden en zetten in op verlenging van de overeenkomst met het COA voor minimaal 15 jaar. Het nieuwe college krijgt de opdracht dit met voorrang op te pakken en uiterlijk in 2028 een nieuwe overeenkomst te sluiten.
Ook hebben we een positieve grondhouding ten aanzien van tijdelijke noodopvang en crisisopvang. Daarbij willen we vooraf helder hebben hoe besluiten tot stand komen. We vragen het college daarom kaders voor noodopvang uit te werken en een samenhangende Zutphens asielketenaanpak, waarbij inwoners hebben kunnen meedenken en adviseren, om deze vervolgens aan de raad voor te leggen. Want: opvang is maar één deel van het verhaal. Mensen die hier verblijven, moeten zo snel mogelijk de kans krijgen om mee te doen. Daarom ontwikkelen we deze bestuursperiode een aanpak, met aandacht voor de hele keten: van opvang en inburgering tot taal, werk, participatie en inclusie. Zo zorgen we ervoor dat mensen daadwerkelijk onderdeel worden van onze samenleving. Daarnaast leggen we ook duidelijk vast wat we onder noodopvang en crisisopvang verstaan.
Onze keuze (bij 5)
We hebben elkaar nodig – in de buurt, bij de vereniging en als het leven tegenzit. Meedoen, je gezien voelen en de ruimte krijgen om te leven, bloeien en groeien: daar draait het om. Dat vraagt om sterke wijken, ruimte voor ontmoeting, ondersteuning waar nodig en een gemeente waarin mensen zich veilig en welkom voelen.
We gaan:
- eenzaamheid tegen, ontmoeting stimuleren en mantelzorgers, vrijwilligers en verenigingen ondersteunen;
- sterker inzetten op preventie, gezond leven en bewegen en de verbinding tussen formele en informele zorg;
- de aanpak Sterke wijken voortzetten, met prioriteit voor de Zuidwijken en het Waterkwartier;
- prioriteit geven aan veiligheid, op straat en achter de voordeur;
- ondermijning en criminaliteit steviger aanpakken en zorg, veiligheid en preventie beter met elkaar verbinden;
- en de opvang aan de Voorsterallee voor langere tijd behouden en werken aan een samenhangend Zutphens asielketenbeleid.
6. Zutphen kiest voor doen
De komende jaren willen we vooral de mouwen opstropen en doen wat we hebben afgesproken. Dat vraagt om focus. Niet alles kan tegelijk en nieuwe ambities moeten concurreren met bestaande ambities. Geld, mensen en capaciteit zijn begrensd. Daarom prioriteren we scherper, maken we duidelijk wat voorrang krijgt en richten we onze mensen en middelen daarop. Minder stapelen, meer afmaken.
Uitvoeringskracht is daarmee niet alleen een vraagstuk van de gemeentelijke organisatie. Het is ook een politieke keuze over wat we belangrijk vinden en hoe we willen besturen. Als we iets nieuws willen, hoort daar de vraag bij wat daarvoor nodig is en wat we misschien niet of later doen. Zo willen we voorkomen dat ambities zich blijven opstapelen zonder dat er voldoende ruimte is om ze ook waar te maken.
Een organisatie die kan doen
Onze ambities kunnen alleen werkelijkheid worden als de organisatie in staat is ze uit te voeren. Goede bedrijfsvoering is daarvoor de basis en die moet op orde zijn. Mensen, middelen, processen en ondersteuning moeten bijdragen aan de keuzes die we maken. We richten capaciteit en middelen daarom nadrukkelijker op onze prioriteiten en zorgen dat de organisatie daar ook op is toegerust.
Anders samenwerken
Doen vraagt ook om een goede samenwerking tussen raad, college en organisatie. We willen elkaar eerder meenemen, ruimte maken voor het gesprek en voorkomen dat de raad pas aan het einde van een proces in positie komt. Zeker bij grote en complexe vraagstukken moet er ruimte zijn om met elkaar te spreken als nog niet alles vastligt.
Daarom brengen we ook onze manier van werken verder op orde. We verbeteren de Lange Termijn Agenda en creëren ruimte om actuele onderwerpen en vraagstukken die nog niet besluitrijp zijn tijdig met elkaar te bespreken. Bij grote projecten maken we vooraf duidelijk hoe het proces eruitziet, welke stappen worden gezet en wanneer de raad richting kan geven of besluiten kan nemen.
We willen vervolgens ook beter kunnen zien of onze ambities worden waargemaakt. Daarom benutten we de P&C-cyclus beter om periodiek over de uitvoering te rapporteren. Bij grote projecten, zoals de Hanzehof en woningbouw, maken we voortgang, planning, risico’s en resultaten expliciet inzichtelijk. Niet om meer papier te produceren, maar om tijdig het gesprek te voeren en bij te kunnen sturen wanneer dat nodig is.
Ook investeren we in onze lokale democratie. We kijken naar de vergaderorde en werkwijze van de raad en hebben aandacht voor een goede ondersteuning van fracties. Een sterk gemeentebestuur vraagt om een raad, college en organisatie die ieder vanuit hun eigen verantwoordelijkheid hun rol kunnen pakken én elkaar weten te vinden.
Participatie: van beleid naar praktijk
Ook bij participatie kiezen we voor doen. We hebben goed participatiebeleid; de komende periode gaat het er vooral om dat we dit in de praktijk waarmaken. Bij ieder raadsvoorstel maken we inzichtelijk hoe inwoners en andere betrokkenen zijn betrokken, welke stappen zijn gezet en wat dat heeft opgeleverd.
Daar houdt het niet op. In deze bestuursperiode geven we opvolging aan het succes van het eerste inwonersberaad met een nieuw inwonersberaad en we willen ook kunnen volgen wat er na participatie met plannen en projecten gebeurt. Daarom rapporteren we structureel over de uitvoering en resultaten. Zo is participatie niet iets wat aan het begin van een proces wordt afgevinkt, maar onderdeel van hoe we samen plannen maken, uitvoeren en daarvan leren.
Uiteindelijk telt niet hoeveel plannen we maken, maar wat inwoners, ondernemers en organisaties daarvan merken. Daarom kiezen we voor focus, een organisatie die kan uitvoeren, een bestuur dat richting geeft en samenwerking die helpt om dingen voor elkaar te krijgen. Dat is voor ons ruimte om te doen.
Kiezen betekent ook financieel kiezen
Ruimte om te doen vraagt om financieel solide keuzes. We willen niet alleen vandaag plannen kunnen maken, maar onze ambities ook morgen kunnen betalen. Daarom sturen we vanaf 2028 op structureel sluitende begrotingen. We houden vast aan onze financiële spelregels en hanteren een weerstandsvermogen van 1,5. De incidentele ruimte die daardoor ontstaat, kan worden ingezet voor nieuwe incidentele ambities. De OZB verhogen we de komende vier jaar niet, behalve met de gebruikelijke inflatiecorrectie.
Dat betekent dat we opnieuw naar onze gemeentelijke opgaven, projecten en investeringen kijken. We geven het college opdracht deze te herprioriteren en daarbij zowel de financiële als de maatschappelijke gevolgen inzichtelijk te maken. Niet alles wat we ooit hebben bedacht of afgesproken kan vanzelfsprekend naast nieuwe ambities blijven bestaan. Daarom geldt voor nieuwe ambities het principe ‘nieuw voor oud’: wie iets nieuws wil, moet ook bereid zijn te kijken naar wat minder kan, later kan of niet meer hoeft.
Bij de Voorjaarsnota 2027 leggen we concrete keuzescenario’s en maatregelen voor om te komen tot structureel sluitende begrotingen voor 2028, 2029 en 2030. Zo maken we de keuzes niet vooruitlopend op dat proces in dit akkoord, maar zorgen we wel dat ze worden gemaakt. Want ruimte om te doen ontstaat alleen als ambities, mensen en middelen met elkaar in balans zijn.
Onze keuze (bij 6)
Ambities tellen pas als we ze waarmaken. Daarom kiezen we scherp, richten we onze mensen en middelen daarop en zorgen we dat plannen ook echt tot uitvoering komen.
We gaan:
- scherp kiezen wat voorrang krijgt en daarop sturen;
- bouwen aan een organisatie die kan uitvoeren – én: gericht op de toekomst;
- raad, college en organisatie eerder en beter laten samenwerken;
- inwoners actief betrekken bij plannen en uitvoering;
- financieel koers houden: vanaf 2028 structureel sluitend en ‘nieuw voor oud’.
Bijlage 1 – Financiële uitgangspunten en afspraken
Onze ambities kunnen alleen werkelijkheid worden als we ze ook kunnen betalen. Daarom maken we niet alleen inhoudelijke keuzes, maar spreken we ook af hoe we de komende jaren financieel met onze ambities omgaan.
De financiële uitgangspunten voor de komende jaren zijn eerder vastgesteld en de Begroting 2027 is gereed. Daarmee ligt voor 2027 het financiële kader in belangrijke mate vast. De financiële gevolgen van nieuwe structurele ambities uit dit coalitieakkoord worden daarom integraal betrokken bij de keuzes voor 2028 en verder.
Daarbij is ons uitgangspunt helder: structurele uitgaven dekken we met structurele middelen en incidentele uitgaven met incidentele middelen.
We verhogen de OZB alleen met de gebruikelijke inflatiecorrectie. Voor nieuwe structurele ambities zoeken we de ruimte binnen de bestaande begroting. Daarbij geldt het principe ‘nieuw voor oud’: als we structureel iets nieuws willen doen, moeten we ook bereid zijn te kijken naar wat minder kan, later kan of niet meer hoeft.
Incidentele ruimte om te doen
We willen deze bestuursperiode ook ruimte maken om ontwikkelingen, ook in bestaand beleid, te versnellen, iets nieuws te starten of een eenmalige impuls te geven. Daarvoor hanteren we een weerstandsvermogen van 1,5. De incidentele ruimte die daardoor ontstaat, kan worden ingezet voor nieuwe incidentele ambities en investeringen. Voor een aantal onderwerpen gaan we het college vragen hiervoor voorstellen uit te werken om ook al in 2027 te kunnen starten. We gaan hier zorgvuldig mee om. Incidentele ruimte gebruiken we niet om structurele verplichtingen aan te gaan die in volgende jaren zonder dekking doorlopen.
Hieronder maken we inzichtelijk voor welke ambities en maatregelen we incidenteel middelen beschikbaar stellen.
Ambities die vragen om incidentele middelen:
- Stadsvernieuwingsfonds
- Aanpak vergroten woonkansen voor jongeren;
- Groenmarkt en ’s Gravenhof autoluw maken;
- veiliger maken Tadamastraat;
- opstellen integraal keten asielbeleid voor Zutphen, incl. kaders voor noodopvang;
- we willen de openbare ruimte verder verbeteren, zodat deze meer uitnodigt tot bewegen, ontmoeten en verblijven;
- in de komende bestuursperiode organiseren we opnieuw een inwonerberaad;
- onderzoek naar de impact van preventieve sport- en gezondheidsprojecten, gericht op de mate waarin deze projecten bijdragen aan het voorkomen of verminderen van Wmo- en jeugdzorgkosten;
- onderzoeken hoe we bewonersinitiatieven, betrokkenheid en leefbaarheid in wijken kunnen versterken;
- en het versterken van bewonersinitiatieven, betrokkenheid en leefbaarheid in wijken.
Structurele ambities: nieuw voor oud
Een aantal ambities uit dit coalitieakkoord vraagt mogelijk om structureel extra geld. Daarvoor reserveren we in dit akkoord niet op voorhand nieuwe structurele middelen. Het college werkt deze ambities verder uit en brengt per voorstel in beeld wat nodig is voor de uitvoering, welke maatschappelijke effecten we willen bereiken en welke financiële gevolgen eraan verbonden zijn. Waar nog geen structurele dekking beschikbaar is, doet het college voorstellen volgens het principe ‘nieuw voor oud’.
Ambities die vragen om structurele middelen/investering:
- het borgen en versterken van de ruimtelijke kwaliteit en samenhang van ontwikkelingen en projecten door het aanstellen van een stadsbouwmeester;
- het versterken van de regie op de uitvoering en realisatie van integrale opgaven binnen Zorg en Veiligheid;
- het programma ‘Preventie met Gezag’ structureel voortzetten om huidige en toekomstige criminaliteit te voorkomen en te verminderen;
- het versterken van de weerbaarheid en veerkracht van de gemeentelijke organisatie en de samenleving door regie te voeren op de uitvoering en realisatie van de afgesproken acties;
- het voorkomen en bestrijden van ondermijnende criminaliteit door een effectieve en duurzame integrale aanpak;
- het versterken van toezicht, veiligheid en leefbaarheid door de zichtbaarheid en aanwezigheid van boa’s te vergroten;
- het versterken van de zelfredzaamheid en toekomstbestendigheid van verenigingen door passende ondersteuning beschikbaar te stellen;
- het versterken van de ondersteuning en waardering van mantelzorgers.
- het toegankelijk en betaalbaar houden van culturele voorzieningen voor amateurverenigingen;
- het versterken van de regionale samenwerking en belangenbehartiging;
- het vergroten van de financiële slagkracht van de gemeente door externe subsidies en financieringsmogelijkheden optimaal te benutten;
- het versterken van de ondersteuning van de gemeenteraad en fracties
- het Gelders Museum.
Daarnaast bevat het coalitieakkoord ambities die kunnen leiden tot investeringen. Ook deze brengen we afzonderlijk in beeld, inclusief de financiële gevolgen en de beschikbare of nog benodigde dekking.
Deze onderwerpen hebben prioriteit en worden daarom niet meegenomen in de afweging ‘nieuw voor oud’:
- Maatregel: 30 km/uur op de centrumring. Om de verkeersveiligheid op de centrumring te verbeteren, wordt vooruitlopend op de uitwerking van scenario's in het Mobiliteitsplan een maximumsnelheid van 30 km/uur ingevoerd.
- De huidige opvangvoorziening aan de Voorsterallee behouden en het college de opdracht geven om met voorrang in te zetten op verlenging van de overeenkomst met het COA voor minimaal 15 jaar, waarbij uiterlijk in 2028 een nieuwe overeenkomst wordt gesloten;
- We willen het Leefstijlloket Zutphen behouden als laagdrempelig en toegankelijk aanspreekpunt voor inwoners die ondersteuning zoeken bij een gezonde leefstijl.
- Het waarborgen van kwalitatief goede en toekomstbestendige gymzalen.
- Het versterken van sterke en leefbare wijken door de wijkgerichte aanpak verder te ontwikkelen, de samenwerking in netwerken te versterken en bewonersinitiatieven te stimuleren.
- Het versterken van een samenhangende en toekomstbestendige zorgaanpak door de samenwerking tussen ziekenhuis, GGNet, formele en informele zorg en het veiligheidsdomein verder te ontwikkelen.
- Vooruitlopend op de sociaaleconomische visie, willen we in 2027 beginnen met acquisitievoorbereiding door alvast een start te maken met de netwerkopbouw.
- Het uitvoeren van de Aanpak Eenzaamheid 2026-2030 tegen eenzaamheid door ontmoeting, netwerkvorming, verbinding in wijken en deelname aan activiteiten te stimuleren, en daarmee de sociale samenhang en cohesie te versterken.
- Het versterken van de samenwerking, onderlinge relaties en het vertrouwen tussen raad, college en organisatie door gezamenlijke bijeenkomsten, raadsconferenties en cultuurontwikkeling.
- Het versterken van de regionale positie en toekomstbestendigheid van Zutphen door een lobby- en bestuursagenda te ontwikkelen, toekomstscenario’s richting 2040 uit te werken en de rol van Zutphen als ontwikkelgemeente te verkennen.
- Het verder ontwikkelen van de organisatie naar een wendbare en toekomstgerichte ontwikkelgemeente.
- Blijven investeren in economische ontwikkeling en banengroei.
Twee sporen richting de Voorjaarsnota 2027
De financiële uitwerking van het coalitieakkoord staat niet op zichzelf. Tegelijkertijd wordt uitvoering gegeven aan motie M0025 over de herprioritering van gemeentelijke opgaven, projecten en investeringen. Beide trajecten raken elkaar, maar hebben een verschillend doel. Daarom houden we ze in de uitwerking herkenbaar van elkaar gescheiden.
Spoor 1: uitwerking van het coalitieakkoord
Het college werkt de ambities, opgaven en maatregelen uit en maakt de maatschappelijke effecten, uitvoeringsconsequenties en financiële gevolgen inzichtelijk. Voor structurele ambities waarvoor nog geen dekking bestaat, worden voorstellen gedaan volgens het principe ‘nieuw voor oud’.
Spoor 2: uitvoering van motie M0025
Het college kijkt opnieuw naar bestaand beleid, activiteiten, projecten en budgetten en werkt voorstellen voor herprioritering uit. Doel is om keuzes mogelijk te maken en te komen tot een meerjarig structureel sluitende begroting.
Beide sporen worden afzonderlijk inzichtelijk gemaakt en komen bij de Voorjaarsnota 2027 samen voor een integrale bestuurlijke en financiële afweging. Daarmee blijft duidelijk welke voorstellen voortkomen uit nieuwe ambities en welke uit de bredere herprioritering.
Voorjaarsnota 2027: het integrale keuzemoment
De Voorjaarsnota 2027 wordt een belangrijk financieel keuzemoment. De Begroting 2027 is gereed; bij de Voorjaarsnota kijken we vooruit naar 2028 en de jaren daarna. Daarbij kijken we niet alleen naar de kosten van onze nieuwe ambities. Voor een goede afweging moet het totale financiële beeld op tafel liggen. Dat betekent dat we nieuwe ambities, autonome ontwikkelingen, de uitkomsten van de herprioritering en de beschikbare financiële ruimte in samenhang bekijken. Het college legt daarvoor voorstellen en keuzescenario's aan de raad voor. De raad maakt vervolgens de integrale afweging die nodig is voor de Begroting 2028 en de jaren daarna.
Onze financiële uitgangspunten
Bij de uitvoering van dit coalitieakkoord hanteren we de volgende uitgangspunten:
- de eerder vastgestelde financiële uitgangspunten en spelregels blijven het vertrekpunt;
- de Begroting 2027 is gereed; nieuwe structurele keuzes worden betrokken bij de financiële afweging voor 2028 en verder;
- we sturen vanaf 2028 op structureel sluitende begrotingen;
- we verhogen de OZB niet, anders dan met de gebruikelijke inflatiecorrectie;
- structurele uitgaven worden gedekt met structurele middelen;
- voor nieuwe structurele ambities geldt het principe ‘nieuw voor oud’;
- incidentele financiële ruimte kan worden ingezet voor incidentele impulsen en investeringen, maar niet voor structurele verplichtingen;
- de uitwerking van het coalitieakkoord en de uitvoering van motie M0025 blijven afzonderlijk inzichtelijk;
- bij de Voorjaarsnota 2027 wegen we nieuwe ambities, autonome ontwikkelingen, herprioriteringsvoorstellen en beschikbare financiële ruimte integraal;
- die afweging vormt de basis voor de Begroting 2028 en het meerjarige financiële perspectief.
Zo maken we ruimte om te doen wat we belangrijk vinden, zonder onze ambities groter te maken dan onze mogelijkheden. Ruimte voor doen betekent ook financieel kiezen: bepalen wat we willen, wat daarvoor nodig is en hoe we dat duurzaam kunnen betalen.
Bijlage 2 – Portefeuilleverdeling
Burgemeester
- Openbare orde, veiligheid en weerbaarheid
- Bestuur, democratie en participatie
- Toezicht, handhaving en vergunningen
- Juridische zaken, integriteit en privacy
- Asiel, crisis- en noodopvang
- Representatie
PRO
- Wonen, gebiedsontwikkeling en grondzaken
- Bestaanszekerheid
- Sterke wijken en wijkgericht werken
- Inclusie
- Asiel en inburgering
D66
- Ruimtelijke ordening en strategische ontwikkeling
- Mobiliteit
- Jeugd, jongeren en onderwijs
- Duurzaamheid en energietransitie
- Cultuur en erfgoed
Burgerbelang
- Economie, ondernemerschap en binnenstad
- Sport en verenigingsleven
- Gezondheid, welzijn en maatschappelijke ondersteuning
- Afval, grondstoffen en circulaire economie
CDA
- Financiën
- Vakonderwijs en arbeidsmarktbeleid
- Openbare ruimte, natuur en klimaat
- Bedrijfsvoering en organisatie